Dorine Burmanje: ‘Jammer dat er nauwelijks naar ons wordt geluisterd’

De relatie tussen beleid en uitvoering is een veelbesproken onderwerp, maar er is vrijwel geen sprake van toenadering tussen de twee partijen. Dorine Burmanje, de nieuwe voorzitter van de Handvestgroep Publiek Verantwoorden, wil daar verandering in brengen. ‘We moeten ons maar eens wat proactiever opstellen, de dialoog aangaan en de gevolgen voor eigen rekening nemen.’

Dorine Burmanje, bestuursvoorzitter van het Kadaster, heeft dit voorjaar het voorzitterschap van de Handvestgroep Publiek Verantwoorden (HPV) overgenomen van Erry Stoové (Sociale Verzekeringsbank). ‘In elk geval voor één jaar,’ vertelt ze per telefoon vanaf de achterbank van haar dienstauto. ‘We zijn aan het kijken op welke wijze de HPV meer kan samenwerken met de Manifestgroep en de Rijksbrede Benchmark Groep.’ Of dat betekent dat de drie clubs (zie pagina 47) volledig in elkaar opgaan, is daarmee niet gezegd, maar wel een mogelijk scenario, volgens Burmanje.

U gaat het komende jaar onderzoeken op welke wijze de HPV, de Manifestgroep en de RBB-Groep hun krachten kunnen bundelen. Zijn er nog andere zaken waaraan u als HPV-voorzitter gaat werken?
‘Dit is een belangrijk aandachtspunt, maar binnen de HPV liggen ook nog andere zaken. Zo hebben we een eigen governance code ontwikkeld en ik wil die langs de meetlat leggen en bekijken of die nog wel voldoet. Daarnaast committeren HPV-leden zich aan een visitatie. Daar zijn we tien jaar geleden mee gestart en het lijkt me goed om te onderzoeken of de manier waarop we dat doen nog wel van deze tijd is. Verder is er behoefte bij zbo’s en agentschappen om meer met elkaar van gedachten te wisselen, dus ik zou de platformfunctie naar een hoger plan willen trekken. Misschien zijn er andere vormen denkbaar, zodat we meer met één stem met de rijksoverheid kunnen spreken. Dat ligt voor zbo’s wat ingewikkelder dan voor een agentschap, aangezien wij verder van het departement af staan.’

Uw voorganger Erry Stoové pleitte onlangs tijdens een Reuring!Café voor het sluiten van een pact tussen minister en zbo bij aanvang van een nieuwe kabinetsperiode. Gaat u daarop inzetten?
‘Ik begrijp de gedachte hierachter heel goed, maar ik ben praktisch ingesteld. Ik vraag me sterk af of dit te realiseren is. Er bestaat inmiddels een behoorlijk aantal zbo’s en ik zie nog niet gebeuren dat bewindspersonen met hen allemaal apart afspraken gaan maken. Bovendien zijn we niet voor niets op afstand gezet. Zoals ik al zei, snap ik waarom hij hiervoor pleit. De minister gaat immers zelden onderuit door fouten die door beleidsmakers worden gemaakt, maar wel als het mis gaat in de uitvoering. Er zijn momenten denkbaar dat een uitvoerder beter zelf in de Kamer uitleg kan geven dan de minister te laten ploeteren.’

Zbo’s hameren er al jaren op dat er bij beleidsmakers meer begrip voor de uitvoering zou moeten zijn. Waarom lukt dat maar niet?
‘Mensen zijn gewoontedieren, iedereen heeft zo zijn eigen processen. Het vraagt moed om zo’n proces om te gooien, en dat komt er maar niet van. Daar komt de financiële crisis nog eens overheen. De houding in Den Haag heeft een wat andere nuance gekregen. Er wordt een beetje stoere taal gebezigd, zo van “zo gaan we het doen”.’

Ergert u zich daaraan?
‘Ergeren is een groot woord, maar ik vind het wel ongelooflijk jammer. Vanuit de uitvoering worden hele zinvolle ideeën om te besparen naar voren gebracht, maar daar wordt nauwelijks naar geluisterd.’

De uitvoering ontkomt niet aan de bezuinigingen. Het kabinet wil dat uitvoerders meer gaan samenwerken. Hoe kijkt u hier tegenaan?
‘Het uitgangspunt is hetzelfde, maar de vertaling loopt nogal uiteen. Den Haag ziet de samenwerking vooral op het vlak van bedrijfsvoering, zoals het voeren van één logo. Zbo’s willen samenwerken op de terreinen waarvoor we zijn bedoeld, namelijk het bedienen van de maatschappij. Daar hebben we ook hele goede ideeën over.’

Geeft u eens een voorbeeld.
‘Ik kan wel een succesverhaal noemen op mijn eigen terrein. In de geosector zijn zes of zeven overheidsorganisaties actief met het verzamelen van beeldmateriaal. Tot voor kort vloog ieder voor zich over Nederland om zelf informatie in te winnen. We hebben het nu eindelijk voor elkaar dat we dat samen gaan doen. Met dit soort zaken valt veel te besparen. Meer dan allemaal hetzelfde logo voeren, om maar iets te noemen.’

Secretaris-generaal Roos van Erp van BZK was ook aanwezig bij het Reuring!Café waar de relatie tussen beleid en uitvoering centraal stond. Ze leek erg geschrokken te zijn van zoveel wantrouwen tussen de partijen. Nogal een naïeve reactie, lijkt het.
‘Dat verbaasde ons ook. Er worden allerlei rondetafelgesprekken, symposia en congressen georganiseerd over de relatie tussen beleid en uitvoering, maar er wordt gewoon geen gevolg aan gegeven. Terwijl ik weleens heb gezegd dat ik mee zou willen helpen om een en ander concreet te maken, maar daar hoor je na afloop dan niets meer over.’

Moet u niet gewoon wat harder met uw vuist op tafel slaan? Op deze manier wordt het nooit wat.
‘Misschien moeten wij ons inderdaad wat proactiever opstellen, de dialoog aangaan en de gevolgen voor eigen rekening nemen. Ook daarbij zou meer samenwerking tussen de drie bestaande samenwerkingsverbanden van pas komen. De Manifestgroep is inmiddels een erkend gesprekspartner van het Rijk, dus dat is een fantastische ingang. Ik blijf het gesprek opzoeken, ga daar maar van uit.’

Verschenen in PM Public Mission, 9 september 2011

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s