Ambtenaren geven advies op Ambtelijke Topconferentie

Ruim vierhonderd topambtenaren waren onlangs bijeen in Utrecht op de VNG Ambtelijke Topconferentie. Een aantal bestuurders durfde het aan een casus uit de eigen praktijk voor advies voor te leggen aan collega’s. Zo ook de wethouder van Leidschendam-Voorburg, waar in 2019 een megawinkelcentrum wordt geopend. Hoe zorgt de wethouder ervoor dat twee andere, kleinschaliger, centra hiervan niet de dupe worden maar er juist van profiteren?

Hij gaat als het ware met de billen bloot, wethouder Frank Rozenberg (Gemeentebelangen Leidschendam-Voorburg). Waar hij normaal gesproken met zijn eigen ambtenaren om de tafel zit, zijn het vandaag ambtenaren uit andere gemeenten die hem van goedbedoelde adviezen voorzien over de in 2019 te verrijzen ‘Mall of the Netherlands’. Dit megawinkelcentrum ten noorden van de gemeente – waar nu winkelcentrum Leidsenhage is gevestigd – moet jaarlijks zo’n 14 miljoen bezoekers gaan trekken. Als slechts 1 procent hiervan ook een bezoekje brengt aan het Huygenskwartier in Voorburg of aan Leidschendam-Centrum, zou dat voor deze centra een enorme opsteker zijn. Maar hoe krijg je dat voor elkaar, ook binnen de ambtelijke organisatie?

‘Ik heb geen verstand van winkelen, maar wel van organiseren’, aldus een van de aanwezige gemeentesecretarissen. Dat komt goed uit, want juist die vraag staat centraal. Hoe zorg je ervoor dat de ambtenaren op het gemeentehuis samenwerken? De ambtenaren die de wethouder vandaag van advies voorzien, vallen bijna van hun stoel als ze horen dat voor elk van de drie winkelcentra een wethouder verantwoordelijk is. ‘Ik zou hier een apart programma voor maken’, oppert een van hen. ‘Over de drie wethouders heen, net als bij het sociaal domein.’

Dat moet dan niet hiërarchisch georganiseerd worden, vult een ander aan. ‘Maak een team waarin iedereen vanuit zijn eigen expertise een rol heeft.’ En nummer drie: ‘Nodig ook andere betrokkenen uit. Dit moet je als overheid niet alleen willen doen.’ Organiseren kunnen we bij de overheid wel, beaamt een ander. ‘Maar de creativiteit zit vooral in de markt.’

Als wethouder die verantwoordelijk is voor een van de kleinere centra, het Huygenskwartier Voorburg, heeft Rozenberg zijn overleg op deze manier georganiseerd: ‘Naast de ambtenaren schuiven ook ondernemers, musea, de wijkvereniging en Stichting Mooi Voorburg geregeld aan.’ Volgens de wethouder loopt dit goed. ‘Maar de kans die we nu hebben met het grote winkelcentrum ziet nog niet iedereen.’

Een van de ambtenaren oppert advies te vragen aan andere gemeenten, die zo’n groot winkelcentrum binnen hun grenzen hebben, zoals Roermond of Lelystad. En weer een ander vraagt zich af wat er gebeurt als de gemeente achterover gaat leunen.

Raketwetenschap
Gaandeweg krijgt de wethouder heel wat adviezen mee. Een week later spreken we Rozenberg opnieuw. Wat heeft hij mee terug genomen naar Leidschendam-Voorburg? ‘Ik heb het college laten weten dat de casus op de Ambtelijke Topconferentie aan de orde is geweest, maar de adviezen zijn nog niet in concrete acties omgezet’, zegt Rozenberg. ‘Door omstandigheden hebben de drie centra elk een eigen wethouder. Er een programma van maken dat we samen aansturen, is zo’n gek idee nog niet. We hebben er alle drie belang bij dat dit goed wordt opgelost. Natuurlijk is het geen raketwetenschap, maar door kritisch bevraagd te worden, ga je andere mogelijkheden zien.’

Het advies om eens in Roermond of Lelystad te gaan kijken, neemt Rozenberg ter harte. ‘Dat gaan we zeker op korte termijn doen.’ Wat hij ook een aardige suggestie vond, is eens te kijken hoe je de drie gebieden kunt verbinden door andere manieren van vervoer. ‘Elektrische auto’s zijn geopperd, of een kabelbaan. Dat laatste gaat natuurlijk niet gebeuren, maar een beetje innovatief denken, kan geen kwaad.’

++++++++++++++++

Casussen: Alle dertien goed
Naast de casus-Leidschendam-Voorburg waren er twaalf andere bestuurders die een vraagstuk aan de aanwezige ambtenaren voorlegden. Zo wilde Zaanstad graag weten wat sensoring betekent voor de burger en hoe de gemeente hier goed mee om moet gaan. De gemeente Cranendonck was benieuwd hoe ze statushouders goed kan laten landen in haar gemeenschap en Lelystad liet zich adviseren over slimmer samenwerken.
De burgemeester van Groningen onderzoekt momenteel hoe de georganiseerde misdaad in zijn stad en regio in elkaar steekt om tot een slagvaardige aanpak te komen. Daar is een betere informatiedeling voor nodig, maar hoe organiseert hij dat? Een wethouder uit Harlingen wil weten hoe ze een goede woonvisie kan opstellen terwijl de gemeentelijke expertise de laatste decennia juist is wegbezuinigd.
Wethouder Frank Rozenberg van Leidschendam-Voorburg was overigens een van de weinige bestuurders die zich direct door de ambtenaren liet adviseren. Bij de andere adviestafels was de betrokken burgemeester, wethouder of gemeentesecretaris niet, of slechts op de achtergrond, aanwezig. ‘Ik vond het heel goed dat ik kritisch werd bevraagd’, zegt Rozenberg. ‘Ik kan iedereen aanraden eens met ambtenaren van andere gemeenten, die niet bij de zaak betrokken zijn, van gedachten te wisselen. Dat scherpt de geest.’

Verschenen in VNG Magazine, 7 april 2017

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s